Menu

De definitieve doorbraak van een consumptiemaatschappij

Consumptie kan bekeken worden als een ahistorisch begrip aangezien het van alle tijden is. Men spreekt over een consumptiemaatschappij dankzij de stijgende lijn van de consumptie en de intensiteit ervan. De hedendaagse consumptiemaatschappij had zijn wortels al veel vroeger, maar brak definitief door in de tweede helft van de jaren zestig. De markt werd overspoeld met nieuwe en steeds meer producten. Hierdoor werden de bestedingen steeds gevarieerder.

Lees meer...

Economische groei en levensstandaard

Tijdens de jaren vijftig en zestig steeg het BNP per hoofd in alle Westerse landen aanzienlijk. Het gaat hier om unieke groeiprestaties in de wereldgeschiedenis die zorgden voor een versterking van de positie van West-Europa in de wereldeconomie. Er ontstond een voortdurende vraag naar arbeidskrachten, die men ging zoeken in het buitenland en bij vrouwen en ook de onderhandelingspositie van de vakbonden verbeterde aanzienlijk. Ook de tertiaire sector won aan belang.

De vraag blijft of welzijn en economische groei wel gepaard gaan. Inkomens gaan immers over welvaart of het materiële ten opzichte van welzijn. Wat met de gezondheid, de kwaliteit van leef- en werkomstandigheden, de politieke vrijheid enzovoort? Daarnaast zijn er de verschillende schadelijke bijverschijnselen van economische groei zoals milieuverontreiniging en de depreciatie van huishoudelijke arbeid.

Er is uiteraard sprake van een sterke stijging van de koopkracht van de gemiddelde arbeider dankzij de stijging van lonen en salarissen. Een stijging van de levensstandaard brengt een daling van de arbeid met zich mee: geld wordt ingewisseld voor vrijheid. Ook ontstaat er een langzame daling van de loonspanningen (= verschil tussen arm en rijk). Hiermee gaat een langzame groei van de bevolking gepaard, wat zorgt voor een discrepantie tussen een snelle toename van het BNP en een langzame verruiming van de werkgelegenheid. Ook is er een toename van de sociale uitkeringen. Dit op basis van de principes van rechtvaardigheid en solidariteit. Het is ontstaan in de 19de eeuw (Bismarck: om het bewind te legitimeren en een natie te vormen), maar kende in de naoorlogse periode een sterke expansie. Dit zorgt voor een automatische stabilisator van het economische leven. Dit gebeurde aan de hand van een toename van de collectieve voorzieningen en een uitbreiding van de verzorgingsstaat. Er trad echter een recessie op in de jaren zeventig, mede dankzij een verhoging van de sociale uitgaven door een sterke daling van de mortaliteit en nataliteit, met als gevolg een stijging van de werkloosheid, die later structureel bleek te zijn. Men moet nu op zoek gaan naar alternatieven.

Ondanks een sterke stijging van de loonkoopkracht daalt de inkomensongelijkheid zeer langzaam. Men probeert een herverdelend effect in te voeren onder meer door progressieve directe belastingen, die zorgen voor een degressief karakter en een tertiaire inkomensverdeling door middel van inkomenstransfers en collectieve voorzieningen. Deze laatste leiden echter tot wat men het matteüseffect noemt.

Lees meer...

Verschuivingen in verbruik

Na 1870 bereikte goedkoop Amerikaans graan Europa dankzij een sterke daling van de transportprijzen. Daarnaast ontstond de sociale revolutie, waarbij de arbeidersbeweging aan kracht won. Ze waren ontstaan uit de oprichting van verbruikscoöperatieven en zorgden voor een beter voedingspatroon en levenswijze. Een voorbeeld hiervan is de Gentse Vooruit, die prijsverminderingen doorrekende aan de klant.

Inkomensstijgingen leidden aanvankelijk echter niet meteen tot een noemenswaardige daling van het aandeel van voedsel in het inkomen. De budgetruimte werd eerder gebruikt voor extra en meer gevarieerde aankopen. Het gaat hier vaak ook over kwalitatieve in plaats van kwantitatieve aankopen.

Pas na 1891 ontstond er een sterke verbetering van de levensstandaarden, waarbij gezinnen niet zoveel honger meer hoefden te lijden. De Belle Epoque en de Roaring Twenties zorgden voor meer afwisseling in voeding en in het dagelijkse leven. Deze new way of life of Amerikanisme uitte zich in de appreciatie van reizen, sporten en een fijnere keuken bij de burgerij. Duidelijk is een blijvend verschil tussen de burgerij en het proletariaat.

Een dieptepunt ontstond tijdens de twee wereldoorlogen en de jaren dertig. Een economische crisis ontstond met als gevolg een daling van de lonen, een stijging van de werkloosheid en een sterke daling van de koopkracht. Dit had een negatieve invloed op het voedingspatroon.

Het grootste aandeel van de gezinsuitgaven ging nog steeds naar de aankoop van levensmiddelen. Sinds 1870 steeg het aandeel voor kleding, schoeisel, transport, communicatie en huur aanzienlijk. Men spreekt tot nu toe over immobiel consumptiegedrag aangezien het nog steeds ging om levensnoodzakelijke middelen. Er was slechts een zeer langzame verbreding van de consumptiemogelijkheden en het levenspeil.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen