Menu

De groei van de bevolking

  • XI, XII en XIII

= periode van relatief sterke en langdurige bevolkingsgroei => verdubbeling van de Europese bevolking in drie eeuwen tijd

= was niet zo uitzonderlijk

  • tegenstelling bevolkingsexplosie ó bereiken kritische massa als reden voor vooruitgang
  • heel weinig bronnen (geen statistische gegevens) => uitzondering = Domesday Book (1086) van Willem de Veroveraar

  • MAAR:

- grootte van bevolkingstoename is zeker naar huidige maatstaven bezwaarlijk spectaculair te noemen

- zal bovendien niet veel sterker geweest zijn dan die in voorafgaande periode van drie eeuwen.

=> Demografisch gesproken helde Europa al rond 1200 zwaar over naar het westen.

Lees meer...

Vooraf: de Vikings, factor van verval?

- Vanaf VIII – IX

- Voornamelijk in perceptie, terreur zaaien (geen genuanceerde bronnen)

- Mannen uit Viks (=baaien in Scandinavië)

  • Handel

- Via Friezen naar West – Europa (cf. Dorestad) àkwam steeds meer onder Frankische invloed

=> vernield door Vikings

- Door Rusland, handel met Byzantijnen (ontdekt door archeologie en taal) => belangrijk tot VI => verdreven door Franken

  • Plunderingen

- Vikingen maken gebruik van gezagscrisis

- Plunderingstechnieken in grensgebied à niet eigen aan vikings (ook Franken en andere volkeren doen hetzelfde)

  • Bronnen: zeer negatief

- REDEN: alle bronnen komen uit kerkelijke instellingen => waren rijk, werden geplunderd

- MAAR: belang voor opkomst geldeconomie

→ smelten geroofde schatten om tot munten

→ bv. Gent: palimsest: beschrijving relieken en schatten rond lichaam van St. Bavo

  • Belang

Belangrijk bij stadsvorming: halfcirkelvormige omwalling (cfr. Vroegste periode van Gent)

Lees meer...

Dynamische periferieën

  • Brittannië

7 koninkrijken van Angelen en Saksen

Gelijkenissen en verschillen met Frankische rijk

- Gefolgschaften

- Vetevoering

- Domeineconomie

- grote sociale ongelijkheid in allebei

- maar Angelsaksische wetten (dooms) in volkstaal (capitularia waren in Latijn)

Alfred de Grote

- koning Wessex

- oprichting van hofschool (vertalingen Latijn naar volkstaal) naar voorbeeld van Karel de Grote: inheemse volkstalige rechtstraditie, weerstand introductie Romeinse recht.

Koningschap

Sacrale karakter koningschap: 787 door zalving van koning. Koning: recht oproepen vrije mannen voor oorlog.

Meest frappante contrast

- Koningschap van Wessex slaagt erin invasies Denen tot stand te brengen (787) en duurzame politieke integratie van 7 koninkrijken te werk te stellen.

- Karolingische veroveringsdrang leidde tot imperial overstretch, en kromp bij zwakke leiders.

- Ook op rechtelijke organisatie liep Angelsaksisch Engeland voorop, het uitdelen van lenen bleef een beperkt verschijnsel.

  • Moors Iberië

Na verovering Egypte

Na verovering Egypte (642-643): westwaarts (Maghreb: het westen)

- 647: Noord – Afrika onder controle, sterke weerstand:

* onder Byzantijns gezag

* gebied had intense Romeinse kolonisatie gekend

* was al gekerstend

- 680: verdrijving Byzantijnen: weerstand van confederatie van Berberstammen

- 705: Maghreb als provincie onafhankelijk van Egypte

- 711: geïslamiseerde Berbers steken Straat van Gibraltar over, zege bij Jerez de la Frontera, rukken op tot Toledo en bereiken Zaragoza

- 720: gebied rond Barcelona en Narbonne onderworpen

Iberisch schiereiland

Op het Iberische schiereiland vestigden zij hun gezag vooral door verdragen. Hun optocht werd gestopt door Karel Martel (733 of 734, nabij Tours). In 751 moesten ze gebied prijsgeven. Van de Spaanse Mark en christelijke koninkrijken ondervonden ze lokaal verzet.

Indirect bestuur

- Moslims hebben in Iberië nooit gecentraliseerde staat gevestigd: indirect bestuur

- 3 marken: Hoge Mark, Middelste Mark en Nabije Mark

- bewind door militaire gouverneurs. Onderlinge strijd: moslims kwamen uit berberstammen met verschillende achtergrond

- Geleidelijke islamisering van Iberische bevolking, geen meerderheid van Islamieten, maar wel cultureel overwicht

St. Jacob van Compostela

Sint-Jacob van Compostela: de cultus van deze apostel werd het brandpunt van Iberisch Christelijke hervormingsstreven.

- 1ste golf veroveraars (8ste eeuw): uit Noord – Arabië, vestigden zich in steden

- later nieuw - moslims: zuid – Arabieren, vestigden zich op het platteland

- Berbers uit Noord – Afrika, vestigen zich in centraal Spanje, stamverbanden bleven onaangetast gedurende 3 eeuwen

- Veroveringsfase 10de eeuw: opnieuw immigratie grote groepen Berbers

De Moslims waren zeer tolerant tegenover andere godsdiensten, die wel schatplichtig waren.

Islamitisch kerngebied

- opgedeeld in provincies

- Córdoba zetel van centraal bestuur

- bestuur in handen van gouverneurs, onder hoger gezag van kalief

- 756: val Umayyadendynastie: onafhankelijke rijkjes in Maghreb en Iberië

  • De Vikingen

Beeld

- Zeer negatief beeld door kronieken van monniken.

- Langs kusten en rivieren van Europa: plunderingen van abdijen en steden, inwoners meegevoerd als slaven.

Bevolking

3 bevolkingsgroepen:

- Zweden, langs kusten Oostzee

- Noormannen, Schotse eilanden, Ierland, staken over naar IJsland, Groenland en New Foundland

- Noren en Denen, Normandië, Lissabon, plunderden Sevilla, bezochten oost Engeland en Nederlandse riviergebied

Vikingsamenlevingen (archeologische bronnen)

- boeren, in relatief vruchtbare streken met veel ijzererts;

- vakmanschap op hoog niveau;

- expansieve neigingen: rivaliteit tussen leiders van clans of nieuwe vestigingsgebieden (overbevolking?);

- niet enkel plunderingen, ook handelsrelaties.

Invasies

- Succes vikinginvasies: snelheid van aanvallen en weer verdwijnen:

* zware ruiterij Frankische legers niet snel te mobiliseren

* Frankisch leger enkel geschikt voor offensieve oorlogen op land, konden kust niet verdedigen

- Toen de Vikingen begonnen te overwinteren op beschermde plaatsen waren ze wel kwetsbaar

- Frankische koningen konden bevolking niet beschermen, lokale heren boden weerstand: forten langs kusten: invasies versnelden decentralisatie van macht

- Meest langdurige invasiegolf in Westen tussen 6de en 14de eeuw

Economisch

- opgepot edelmetaal in circulatie gebracht als betaalmiddel in langeafstandshandel

- belastingen in zilvergeld voor verdediging invasies: Danegeld

- schatten in omloop ondersteunden de oosterse handel van de vikingen

Invasies stimuleerden dus omloop goederen en kapitaal en inschakeling in intercontinentaal handelssysteem.

Lees meer...

Een bovenbouwstaat

  • Vooraf

Geleerden aan het hof

(belangrijkste: Alcuïn)

- Karel zijn paleisschool opzetten

- Intellectueel peil enkele grote abdijen opvijzelen

- Nieuwe keizerlijke ideologie: Romeins model + oudtestamentische priester – koning David:

* Christelijke keizer, Gods uitverkoren beschermer van het geloof

* Liet toe zich uit te spreken over kerkelijke zaken en politiek optreden te plaatsen in teken van Christus

800

- 800: keizerkroning Karel de Grote: herhaling van gebeurtenissen 751, maar op hogere trap è Bescherming in ruil voor keizertitel

- Relatie paus – keizer was delicaat. Vraag wiens gezag het hoogste was

Propaganda Karolingers

meer en interessantere cultuurgoederen dan in de eeuwen daarvoor en daarna:

- rijksannalen (optekening belangrijkste gebeurtenissen per jaar)

- biografie van Karel (door Einhard)

- Paltskapel van Aken: Aken vanaf 794 belangrijkste residentie en symbolische hoofdstad

- Karolingische minuskel ontwikkeld

- Impuls studie klassieke Latijn, paleisschool: antieke teksten gekopieerd en bestudeerd

Paleis van de Koning

hofhouding, enkele ambtsdragers, trokken voortdurend rond:

- koning tijdens de voor oorlog geschikte maanden voortdurend op krijgstocht

- aanwezigheid van koning op diverse plaatsen in rijk noodzakelijk om gezag werkelijk te doen gelden

- puur materieel: opbrengsten verbruiken (verkeersarme domeineconomie: eenvoudiger om consumentengroep te verplaatsen dan oogstopbrengst te centraliseren)

Eed van trouw

= traditioneel machtsmiddel

- alle vrije mannelijke onderdanen vanaf 12 jaar

- typisch voor kleinschalige samenlevingen met beperkte schriftcultuur: banden van trouw zijn direct, persoonlijk en ongeschreven

- eden afgelegd met de hand op heilige voorwerpen: schending lokt goddelijke sanctie uit

- uitgestrekt rijk: koning vertegenwoordigd door territoriale ambtsdragers

* Aanzet tot staatsinstellingen, onderscheiden van de persoon van de koning: kanselarij, bestuurlijke maatregelen en wetgeving, algemenen vergadering en paleisschool.

* Merovingische koningen: schrijfwerk door nabij gelegen kerkelijke instellingen.

Eigen Kanselarij

- meer schrijfwerk laten verrichten zonder externe tussenkomst

- eigen archief: nauwkeurigere controle op de activiteiten

- schrijvenden nog steeds geestelijken, maar in rechtstreekse dienst van de koning/keizer

- capitularia: keizerlijke decreten, veelal schriftelijke neerslag van mondeling overeengekomen verordeningen in jaarlijkse algemene vergadering

Eigen staatsinrichtingen

Pogingen om solide staatsinrichtingen te creëren naar Romeins model ten aanzien van de territoriale indeling en de daarbij horende ambten. Wegens uitgestrektheid moest koning/keizer macht delegeren:

- oprichting koninkrijken Lombardije en Aquitanië, onder zonen van Karel;

- aanhechting en onderwerping van meer gebieden: Karel nam de titel van koning van Italië aan;

- de marken;

- van fundamenteel belang: graven (comites).

Graven

= ambtsdragers die koninklijk gezag in hun gebied moesten vertegenwoordigen, namens hem recht spreken, algemene vergadering leiden, oproepen tot oorlog en capitularia doen naleven;

- vergoeding: beschikking over deel koninklijke domeinen in betreffende gebied;

- meeste graven waren Franken, ook in etnisch anders samengestelde gebieden;

- rondreizende zendgraven: controletaken over graven of bijkomende taken.

Objectivering

= Romeinse rijk herstellen in christelijke vorm

= praktijk was echter anders:

- materiële toestanden lieten niet toe het zelfde te realiseren als in de Romeinse tijd

- Capitularia interpreteren als poging om weerbarstige werkelijkheid te veranderen, maar in feite weerspiegelen ze de werkelijkheid.

Nauwe banden met kerk

als eenheidscheppende factor:

- kerk hoogst ontwikkelde grote organisatie in West Europa, geletterd personeel

- steun van geestelijkheid voor iedere heerser onmisbaar, in technologische en ideologische zin

- bisschoppelijke heerlijkheden, gevaar voor betrokkenheid in machtsstrijd (het bekleden van geestelijke hoogwaardigheidsdragers met wereldlijk gezag is een structuurkenmerk van de middeleeuwse kerk)

Staat

- niet anachronistisch opvatten, er bestond zelfs geen woord voor zoiets abstracts als staat

- macht was persoonsgebonden, concreet en direct

- hofgeleerden: Latijnse bronnen: res publica, toch drong het niet door in de werkelijkheid van de Karolingische heerschappijstructuren

- pogingen tot openbare instellingen verzandden na enkele generaties

- staatsapparaat beperkte zich tot hof en ambtsdragers, die poogden regels op te leggen;

- bestuurlijke eenheid opleggen was onbegonnen werk:

* geldarme domeineconomie

* verwarde veelheid van volkeren, verschillende culturen en ontwikkelingsstadia

  • De fictie van het keizerschap

Verdeling bij regeling opvolging

Karel de Grote: rijk verdeeld tussen zijn 3 zonen (806), 2 overlijden voor hun vader, Lodewijk de Vrome enige erfgenaam. Gekroond door Karel zelf = blamage voor paus (813).

Lodewijk verdeelde zijn rijk onder zijn 3 zonen, maar keizerstitel beschouwd als ondeelbaar: oudste zoon Lotharius, gekroond door de paus (823), andere 2 zonen kregen koningstitels onder het gezag van de keizer = compromis tussen Frankisch gewoonterecht van bezitsverdeling en eenheid van het keizerschap. Zaken liepen anders dan gepland:

- Lodewijks 2de echtgenote bedong een erfdeel voor haar zoon Karel de Kale

- Familie intriges escaleerden

- Grote opstanden en oorlogen

=> Van het unitaire rijksidee bleef weinig over, staatsorganisatie door elkaar geschud door wisselende coalities in territoriale herverdelingen, die positie van koningen en keizer aantasten

Na dood Lodewijk

- Lotharius wil het hele imperium eden van trouw laten zweren è hevig verzet: Karel en Lodewijk verslaan Lotharius.

- 842: Karel en Lodewijk zweren eed van wederzijdse bijstand en beloofden elkaar niet afzonderlijk te onderhandelen met Lotharius. (Deze eden zijn beroemd omdat de koningen de volkstaal gebruikten)

Verdrag van Verdun

Onderhandelingen Lotharius, Karel en Lodewijk: Verdrag van Verdun (843):

- rijk verdeeld in 3 stukken: Lodewijk: alle gebieden ten oosten Rijn, Karel: gebieden ten westen Schelde, Marne, Saône en Rhône, Lotharius: Italië, centrale gebieden

- machtsmiddelen zo gelijkmatig mogelijk verdeeld

- een vazal mocht slechts in 1 van de koninkrijken beneficia houden

- Lodewijk de Duitser was de grootste overwinnaar

=> Keizertitel verloor betekenis in 12 jaren die Lotharius nog regeerde

Volgende generaties

korte regeringsperiodes; snel wisselende samenstelling territoria, aanhoudende erfdelingen. Karel de Dikke, koning Oost – Francië, wordt keizer:

- fictie Romeinse erfenis nu op gebied dat slechts in meest zuidelijke en westelijke randgebieden deel had uitgemaakt van Romeins rijk;

- minder ontwikkeld dan West – Francië;

- lange grenzen: voortzetting veroveringen en tribuutoplegging;

- grote afstanden: intern moeilijk te controleren.

  • Graven en erfelijkheid

9de eeuw

Veroveringen Karolingers liepen vast in 9de eeuw en koninklijk gezag verzwakte:

- onstuitbare centrifugale kracht vanuit uitgifte ambten, inkomsten en land in leen

- controle daarover niet te handhaven

- regionale en lokale machtsconstellaties vulden machtsvacuüm: bannum en regalia eigenmachtig uitoefenen en als erfelijk bezit beschouwen

- gebruikten zelfde technieken als koningen: leenverhoudingen verspreidden zich naar lager niveau

- formele leenverhoudingen tot koning bleven erkend, maar gedragen zich als autonome heersers

- geen heldere en exclusieve afhankelijkheidsverhoudingen: leengoederen van verschillende heren houden: loyaliteitsconflict

- enkel lokale macht reëel in vorm banale heerlijkheden

Graven

- creëerden autonomie en probeerden zich in te nestelen in hun positie: huwelijkspolitiek en relaties inheemse grootgrondbezitters: vermenging van culturen (acculturatieprobleem) en afstand tot koning

- bezit van leengoederen en rechten van leenmannen werden erfelijk.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen