Menu

Promotie: de slaven

Slavernij

- Slavernij bleef na ineenstorting Romeinse Rijk gewoon verder bestaan als barbaarse varianten => vorm was wel anders: geen massale slavenarbeid meer, maar wel gebruik in oorlogen

- Slaven als exportproduct in de late ME: enige exportartikel van waarde in christelijke handel met islamitische wereld (Venetië = belangrijk)

Behandeling

Kerk

- Niet tegen slavernij

- Zag slaven als het bewijs van zondigheid

- MAAR: dubbelmoraal:

* Slaven konden christen worden

* Slaaf als lid van christelijke gemeenschap = medechristen = medemens

* Zagen slavernij als instituut onvermijdelijk, maar nog niet als reden om slaven slecht te behandelen

* Ideologisch: slaven vrijlaten = goed voor zieleheil

Sociaal - economisch

- meeste slaven geen allochtonen meer (zelfde cultuur)

- schaarste aan arbeidskrachten è arbeidsbesparende werkwijzen zoals gebruik van watermolen è slavenarbeid minder noodzakelijk.

- Aristocratie wilde zoveel mogelijk grond in cultuur è slaven klein stukje eigen grond met huis te laten, zodat verschil met andere boeren op zelfde domein verkleinde of verdween è uit deze mengeling ontstond dan de nieuwe klasse van de horigen.

Lees meer...

Degradatie: de vrije weerbare mannen

Verantwoordelijkheden

Laat – Romeinse Rijk en barbaarse wereld: meerderheid van de bevolking is (althans juridisch) vrij

=> vrije man als standaard bij ‘wergeld’

= recht met betrekking tot geldelijke compensatie die de pleger van een doodslag met zijn verwanten moest betalen aan de verwanten van het slachtoffer

Dienstplicht

Achtergrond: omstandigheden tijdens de volksverhuizingen

Franken

- dienstplicht werd gezien als uitvloeisel van de Koninklijke ‘bannus’ = alleenrecht van de koning om alle vrijen te gebieden en te dwingen

- begin IX: beperking van de legerdienst tot groep van bevolking die veel land bezat à aristocratie

- dus: militaire specialisatie omdat niet iedereen nog oorlog kon voeren (boeren hadden tijdens het ‘oorlogsseizoen’, m.a.w. de lente en zomer, wel andere dingen aan het hoofd dan oorlog voeren)

Strijdwijze: groei van belang van het paard

- aristocratie gebruikte het paard, maar weinig waarde in gevecht => vooral te voet, met steeklans, kort zwaard en bijl.

- betekenis van cavalerie stijgt pas na introductie stijgbeugel door Avaren rond 550

- geleidelijke overgang naar mounted shock combat = botstactiek met paarden, stootlansen en slagzwaarden-deze evolutie nam eeuwen in beslag

Militaire specialisatie

Oorlog werd meer een zaak van goed getrainde specialisten. Mede daardoor kwam aan de echte militaire functie van boeren – krijgers een einde, waardoor ze sociaal verder degradeerden.

Hierdoor nog drie standen die zich meer en meer aftekenden:

- bidders(geestelijken)

- strijders

- mensen die handenarbeid verrichten

=> Boeren -vrij of niet - behoorden niet meer tot de tweede categorie

Rechtspraak

(Bijna identiek verloop als legerdienst)

- Alle vrije mannen bij Franken verplicht openbare rechtsgedingen bij te wonen en desgevraagd te vonnissen overeenkomstig het gewoonterecht. => wordt gaandeweg te ingewikkeld

- Karel de Grote stelt bijgevolg schepenen aan = scabini = vaste kleine colleges van aristocraten die moesten oordeel vellen per graafschap

Opkomst van horigheid

- legerdienst en rechtspraak = oorzaak van de degradering van de zogenaamde vrije mannen

  • grondbezit, politieke en militaire macht gingen meer en meer over in handen van de aristocratie

- Tegelijkertijd: aantal onvrijen(horigen) groeide waarvan uiteindelijk de meeste boeren gingen deel uitmaken: boeren stelden zich meer en meer onder bescherming van aristocratische grootgrondbezitters

Lees meer...

Transformatie: de aristocratie

Evolutie in het Gefolgschaftwezen en rijksbelang

Oorlog blijft een belangrijk element voor de aristocratie, zelfs voor Karel de Grote die nagenoeg jaarlijks op oorlogspad gaat.

- leiders van het Gefolschaftsysteem = magnati

- Toch blijkt er iets veranderd: bij Karel de Grote gaat voor het eerst een rijksbelang gelden => twee peilers:

* Kerk

* creatie van graafschappen à versplintering van het Gefolgschaftsysteem (soort hiërarchie)

Vazallitische relatie

Deel gefolgschaft – systeem verviel: krijgers, waarbij niet alle krijgers permanent om hem heen waren zoals vroeger vervangen door een vazallitische relatie (zie hoofdstuk 6)

  • Om die relatie te doen slagen gebruikten ze twee laat-romeinse tradities: het wegschenken van land en het geven van hoge wereldlijke en kerkelijke ambten.

vb. verovering van de Avaren in 795 waarbij volgens de principe van de gift – economy de krijgers en de buitenlandse helpers van de buit profiteerden, maar nu ook de bisdommen,abdijen en graven.

“Adel”

Is kwestie van definitie: voor de twaalfde eeuw spreekt men in de bronnen nauwelijks over edelen (nobiles): men verwijst naar hun morele kwaliteit. Men verwees naar:

- vooraanstaandheid(proceres, voorsten)

- rijkdom(divitesde rijken)

- politieke en militaire macht(potentes,de machtigen)

- vrijheid-onafhankelijkheid (liberty)

Al deze kwaliteiten bleven overdraagbaar, met andere woorden ze hoorden eerder toe aan families dan aan individuen. Maar toch was het geen kwestie van geboorte alleen: er hoorde ook levensstijl bij en dat zowel in de vroege als in de late ME.

Lees meer...

Inleiding

Demografie

  • Na de volksverhuizingen en de pest van de 6de eeuw: bevolkingsaantal fel verminderd in West –Europa è bossen breidden zich in de 5de en 6de eeuw meer uit
  • Vanaf de 7de eeuw : demografisch herstel è bevolkingsaantal tussen 500 en 1000 verdubbelde van ongeveer 12 miljoen naar 24 miljoen.

Bevolking

De bevolking leed onder de honger en de terreur van een gewelddadige elite(gebaseerd op band tussen leiders(chiefs) en krijgers

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen