Menu

Sociale leertheorie

SLT van Bandure (1977): je leert nt enkel dr gedrag uit te voeren en de consequenties te ervaren, mr
ook door het gedrag van anderen te observeren en imiteren

Voorbeeld: Bobo-poppenonderzoek

In het experiment sloeg en trapte een volwassen een bobo-pop, terwijl een jong kind keek.
Conditie 1: volwassene werd geprezen
Conditie 2: volwassene werd zelf geslagen
Daarna werd het kind zelf in de kamer gezet met de bobo-pop

=> Conclusie:

Kind uit C1 ging de pop ook slaan, het kind uit C2 speelde veel minder met de pop.

Bandura beschouwt het leren als een interactie tss (1) de omgeving, (2) persoonlijke factoren en (3) het gedrag vd lerende.

Binnen de theorie krijgen begrippen als ‘observationeel leren’, ‘model-leren’, ‘leren door imitatie’ en ‘modelling’ een centrale plaats.

Lees meer...

Achtergrond

Basis: dierenonderzoek
-> kan nt zomaar veralgemeend worden nr mensen, mr hebben toch de grondslag gelegd
voor enkel belangrijke paradigma’s

Oud debat: nature vs nurture = debat over de invloed van aanleg – en omgevingsfactoren op de ontw van stoornissen

NATURE: - gaan ervan uit dat de pathologie verankerd zit in een aangeboren psychische structuur
- er zijn aangeboren verschillen tussen mensen op psychisch vlak
- stabiele, onveranderbare kenmerken
- poging om typologieën op te stellen waarbij genetisch bepaalde verschijnselen in verband worden gebracht met typische kenmerken


Bv. Hippocrates en Eysenck

NURTURE: - kneedbaarheid vd menselijke psyche
- ontwikkeling obv omgeving en opvoeding
- tabula rasa

Huidig standpunt: interactie tss nature en nurture

Bv. PTSS (post-traumatische stressstoornis): nt iedereen krijgt dit na een ongeval (kan in aanleg zijn, maar gebeurtenis nodig om het uit te lokken)

Leertheorie: nurture-standpunt met het accent op leerprocessen, maar men ontkent de invloed vd aangeboren rol niet!

Belangrijke onderzoekers: Thorndike en Pavlov

Lees meer...

Settings van de GGZ

De eerste lijn

Overzicht:

*ambulant / kinderen
- huisarts
- JAC
- scholen

*ambulant / volwassenen
- huisarts
- CAW
- opvoedingswinkel

Problematiek:

De problematiek is zeer divers.
- arbeidsgerelateerd
- somatoforme klachten (CVS, whiplashklachten, neurotische stoornissen zoals angst- en stemmingsstoornissen)

De psycholoog kan zowel voor goede diagnostiek als voor behandeling geconsulteerd worden,
waardoor er maar weinig contra-indicaties zijn voor 1ste lijn hulpverlening.
Alleen mensen waarbij crisis dreigt, worden nt doorverwezen naar een eerstelijnspsycholoog.

Werkwijze:

De eerstelijnspsycholoog werkt:
- generalistisch
- kortdurend: gemiddeld aantal behandelsessies = 10 consulten, 1x per week
- klachtgericht
- eclectisch (= elementen uit verschillende psychotherapeutische stromingen gebruiken en integreren)

Verloop:
1) Diagnostiek
2) Indicatiestelling
3) Advies
4) Begeleiding

Settings:

4 instanties:

1) School:
- zorgcoördinatoren, schoolpsychologen
- schoolgerelateerde problematieken (pesten, agressie, leerproblemen)
- psycho-educatie, begeleiding en preventie

2) CAW= Centrum Algemeen Welzijnswerk
- algemene problemen en vragen, toegankelijkheid voor iedereen
- advies, psyco-educatie, begeleiding en preventie
- problemen: echtscheiding, hulpbemiddeling, adoptie, slachtoffer- en daderhulp

3) JAC = Jongeren Advies Centrum
- algemene problemen en vragen, toegankelijkheid voor jongeren
- advies, psyco-educatie, begeleiding en preventie
- problemen: drugs, seksualiteit, ouders, relaties, school, crisis, slachtofferhulp

4) Opvoedingswinkel
- algemene problemen en vragen, toegankelijkheid voor ouders
- advies, psyco-educatie, begeleiding en preventie
- problemen: eten, slapen, regels en afspraken, structuur, …

De tweede lijn

A) Centra geestelijke gezondheidszorg

Overzicht:

Basisequipe:
- psychiatrische functie
- psychologische functie
- maatschappelijke functie
- aanvullende functie

1975: koninklijk besluit:
- multidisciplinair werken
- 1 GGZ per 50.000 inwoners
- populatie en problematiek: kinderen, adolescenten, volwassenen met neurotische, psychotische, verstands- of karakterstoornissen

Problematiek:

In de GGZ zijn er meerdere zorgprogramma’s voor verschillende probleemgebieden aangezien de
problematiek in de GGZ sterk verschilt per centrum.

Werkwijze:

De GGZ zijn sterk gericht op diagnostiek en behandeling.

B) Andere diensten die zich situeren op de 2de lijn

1) CLB = Centrum voor Leerlingen Begeleiding
- diagnostiek, indicatiestelling, advies, psycho-educatie, begeleiding, preventie
- problemen: studie- en schoolloopbaanbegeleiding, psychosociale problemen, gezondheid

2) Psychotherapeut
- diagnostiek, indicatiestelling, advies, psycho-educatie, therapie, begeleiding
- problemen: algemene psychische problemen (individueel, relationeel, gezin)

3) Vertrouwenscentra
- diagnostiek, indicatiestelling, advies, psycho-educatie, therapie, begeleiding, preventie
- problemen: verwaarlozing, mishandeling, misbruik
- Bv. centrum voor kindermishandeling

4) Revalidatiecentra
- diagnostiek, indicatiestelling, advies, psycho-educatie, therapie
- problemen: chronische handicaps (leerstoornissen, ontwikkelingsstoornissen)

5) Thuisbegeleiding:
- psycho-educatie, begeleiding, preventie
- problemen: nood aan opvoedingsondersteuning
- uit zich in ambulante hulp aan huis meestal gericht nr de ouders voor opvoedingsondersteuning

6) Dagcentra
- dagopvang van personen met een chronische handicap / psychiatrische patiënten
- naschoolse opvang voor kinderen die extra structuur nodig hebben
- ouders worden ondersteund in pedagogische taak
- bedoeling is om de druk op het gezind te verlichten
- (team)begeleiding, preventie

7) Dienst voor pleegzorg
- dienst die instaat voor de begeleiding van pleeggezinnen/ kinderen/ natuurlijke ouders

De derde lijn

A) Psychiatrische Afdeling van het Algemeen Ziekenhuis (= PAAZ) Problematiek:

Opname van mensen met psychiatrische beelden en een duidelijk somatisch aspect daarbij.

Men ziet hier vooral angst-, stemmings- en dwangstoornissen.

Werkwijze:
PAAZ: vooral gericht op observatie en diagnostiek. Mensen worden er max 2 à 3 mnd opgenomen.

B) Psychiatisch Ziekenhuis
Organisatie en wetgeving:

2 manieren van opname:
- vrijwillig -> patiënten kunnen altijd beslissen de inrichting te verlaten
- gedwongen -> patiënten die een gevaar zijn voor zichzelf en omgeving en nt voor zichzelf kunnen
instaan

De PZ is een derdelijnsinstelling: de instroom gebeurt via de huisarts of tweedelijnsinstellingen.
Werkwijze:

De werkwijze is hier afhankelijk van de instroom. De werkwijze is sterk gericht op het verifiëren van eerder gebeurde diagnostiek.

Gevaar: draaideur-patiënten
- functioneren nt zonder opname
- herhaling vd crisis
- andere aanpak is hier vereist

C) Andere centra op de 3de lijn

1) Leefgroepen: residentiële opvang voor kinderen en volwassenen

- specifiek gericht naar doelgroep en problematiek
- structuur bieden/ zorgen voor veilig klimaat
- samenwerken met ouders, ped vaardigheden verhogen
- terug leren het leven in eigen handen te nemen
- (team)begeleiding

2) Gezinsvervangend tehuis: residentiële opvang voor kinderen op LT

- richt zich specifiek nr kinderen in POS
- er wordt getracht nr terugkeer naar huis
- indien dit nt mogelijk is: in hoeverre kan de band met de ouders behouden worden?
- anders: zoeken naar pleeggezin of in tehuis tot 18
- (team)begeleiding

3) CKG = Centrum voor Kind- en Gezinsondersteuning

- voor kinderen en gezinnen in nood, die de opvoeding nt aankunnen
- structuur vh dagelijkse leven voorzien, en ouders leren dit terug zelf op te nemen
- (team)begeleiding en preventie

4) OOOC = Onthaal-, Oriëntatie- en ObservatieCentrum

- ambulante of residentiële opvang van kinderen
- diagnostiek, indicatiestelling, advies, (team)begeleiding
- multidisciplinaire werking
- onthaal: kortdurende opvang bij een acute crisis
- oriëntatie: diagnostisch onderzoek en advies in 60 dagen
- observatie: diagnostisch onderzoek en advies in 120 dagen

5) OBC = Observatie- en BehandelingsCentrum

- residentiële behandeling van kinderen met psychische problemen
- diagnostiek, indicatiestelling, advies, psycho-educatie, therapie, (team)begeleiding

6) Kamertraining: residentiële begeleiding van 16+

- jongeren die nt meer in een leefgroep passen en die ook nt meer terugkeren nr het thuismilieu
-> voorbereid op zelfstandig leven
- leven in groep en staan gedeeltelijk zelf in voor het dagdagelijks leven
- (team)begeleiding, psycho-educatie

7) BZW = Begeleid Zelfstandig Wonen : residentiële begeleiding van 17+

- richt zich tot jongeren die nt meer thuis kunnen wonen
- jongeren worden op ≠ levensdomeinen ondersteund (administratief, psychosociaal, werk, vrije tijd)
- doel: zelfstandig en geïntegreerd in de m’ij kunnen functioneren
- (team)begeleiding, psycho-educatie

8) Vluchthuizen : residentiële opvang voor vrouwen (met kinderen)

- (team)begeleiding

9) Crisisinterventiecentra : residentiële opvang voor mensen in nood

- diagnostiek, indicatiestelling, advies, psycho-educatie, therapie, (team)begeleiding, preventie

10) Algemene diensten ziekenhuis: residentiële opvang van medische problemen

- begeleiding bij evt. psychische problemen tgv de medische problemen

11) Revalidatiecentra

- mensen met chronische handicaps (permanent of tijdelijk)
- revalidatie, (team)begeleiding, preventie

Lees meer...

Algemeenheden in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ)

Voorzieningen

Om een overzicht te maken tss verschillende voorzieningen moeten we een aantal onderscheidingen maken:

1) Onderscheid cliënt
- kinderen en adolescenten
- volwassenen
2) Onderscheid naargelang de werkvorm
- ambulant
= cliënt blijft in eigen leefomgeving en komt één keer per week op consultatie. De
cliënt kan nog behoorlijk functioneren, maar hij wordt toch door iets belemmerd
waardoor hij hulp zoekt
- semi-ambulant/ semi-residentieel
= dagopvang van cliënten; overgang van residentieel naar ambulant. Dit is voor
cliënten die nood hebben een beperkte ondersteuning in dagdagelijkse structuur
en door deze ondersteuning kunnen ze zelfstandig leven
- residentieel
= voorzieningen waar cliënten 24u/24u worden opgenomen

3) Onderscheid doelgroep/ problematiek
- categoriale voorzieningen = voorzieningen die zich richten naar een specifieke doelgroep.
-> hier wordt een specifieke aanpak vereist

4) Onderscheid echelonmodel
= model dat een combinatie vormt van de voorgaande vormen van onderscheid (zie 3.2)

Instroom

Bron: Hoe komt men in de hulpverlening terecht?

3 mogelijkheden:
- eigen initiatief
- niet-professionele verwijzer (bv. leerkracht, vriend, ouder)
- professionele verwijzer (bv. huisarts, CLB, ombudsdienst

Procedure: Hoe verloopt een verwijzing?

2 mogelijkheden
- dmv verwijsbrief
- dmv gezamenlijke intake/contact (meer wenselijk, want verwijzer en cliënt zitten samen en
kunnen beide hun verhaal doen)

Tijdsverloop: Hoe snel gaat een verwijzing?

Dit hangt af vd dienst:
- Crisiscentrum: onmiddellijke hulp (tegenwoordig zijn er hier wel wachtlijsten)
- Niet-crisis problematieken: wachtlijsten (tot 1 jaar)

Uitstroom

Van evaluatie naar ontslag
=> Afronding van een begeleiding is ook een proces; men gaat de therapie evalueren dmv
metingen (adhv diagnostiek)

Samenwerking met andere voorzieningen – Proces van verwijzing
=> Bv. (semi)-ambulante ondersteuning voorzien

Follow-up
=> Indien uit de metingen bleek dat er significante resultaten geboekt waren met de therapie
=> cliënt komt op minder frequente basis langs om samen te bekijken hoe het loopt en waar
nodig even bij te sturen
=>belangrijk om herval te voorkomen

Structuur van de geestelijke gezondheidszorg

Organisatie GGZ -> Echelon model
= model dat uit 4 lijnen bestaat om de voorzieningen in de GGZ te organiseren

Het echelon model is gebaseerd op het medische model van de gezondheidszorg. Het is erop gericht om de patiënten via de 1ste lijn als ‘poortwachter’ bij de juiste vorm van hulpverlening te belanden.

Belangrijk: patiënt mag niet te snel doorverwezen worden naar zeer specifieke en specialistische
hulp!

=> Het moet eerst helpen de patiënten hun problemen aan te pakken om snellere, goedkopere en meer generalistische wijze.

Enkel wanneer de eerste hulp niet werkt kan men doorverwezen worden naar een volgende stap
= Stepped Care principe

Opm: In de realiteit staat de ideale structuur op zijn kop -> cliënten stromen te snel door naar hogere echelons, ze gaan liever sneller naar specialisten

Gevolg: wachtlijsten
Oplossing: sterkere en nauwgezettere filterwerking nodig

0de lijn: mantelzorg


0de lijn = mantelzorg
= cliënt en zijn omgeving (bv. cliënt, familie, vrienden, werk/school)

Hulpverleningssystemen waar geen drempel voor bestaat. De hulpvraag komt vanuit de cliënt of zijn omgeving en de hulp komt ook vanuit deze richting.

De cliënt behelpt zichzelf. Bv. iemand zit diep in de put

1ste lijn: niet-gespecialiseerde, ambulante, professionele hulpverlening

1ste lijn = niet-gespecialiseerde, ambulante, professionele hulpverlening
= Bv. huisarts, school, JAC, CAW

Hulp vd 1ste lijn is laagdrempelig. Alle doelgroepen met alle problematieken kunnen hier terecht.

Cliënten kunnen zich hier melden zonder tussenkomst van een andere hulpverlener.
De hulpverlening is hier kortdurend en gebeurt onmiddellijk. Wanneer? : Als de hulp vd 0de lijn tekortschiet.
Bv. schulden, trauma, scheiding

2de lijn: gespecialiseerde, ambulante, professionele hulpverlening


2de lijn = gespecialiseerde, ambulante, professionele hulpverlening
= hulpverlening die gespecialiseerd is in een bepaalde doelgroep/problematiek
= Bv. revalidatiecentrum - vertrouwenscentrum - CGGZ – psychotherapeut – CLB

Voorkeur dat de cliënt van de 1ste naar de 2de lijn wordt doorverwezen. Toch kan de cliënt er ook zelf een afspraak maken.
Bv. getraumatiseerde kinderen, leerstoornissen

3de lijn: gespecialiseerde, residentiële, professionele hulpverlening

3de lijn = gespecialiseerde, residentiële, professionele hulpverlening

= Bv. psychiatrie, instellingen bijzondere jeugdzorg Wanneer? : *als er een probleem is dat nog ernstiger is en meer gespecialiseerde hulpverlening
nodig is => opname

  • omdat de omgeving in gevaar is
  • omdat de persoon in gevaar is (zelfmoorddreiging)
  • omdat de persoon niet meer voor zichzelf kan instaan (bv. verslaving)

*als de hulpverlening in de vorige lijnen gefaald heeft.

Doorverwijzing gebeurt via de 1ste of de 2de lijn.


Deze voorzieningen worden gekenmerkt door een sterke differentiatie tss verschillende cliëntgroepen en een zeer gespecialiseerde aanpak van de verschillende problematieken.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen