Menu

Sofian Bouazzaoui

Sofian Bouazzaoui

De prijsindex van de consumptie

De bedoeling van de prijsindex van de consumptie is van maand tot maand de veranderingen in de kosten van de consumptie, of maw de kosten van levensonderhoud, te meten.

Daartoe wordt op basis van gezinsenquêtes een representatieve goederenkorf opgesteld.

  • op basis van die noteringen: maandelijks prijsindexcijfer.

Het gewicht van elk goed is in principe gelijk aan het aandeel van de uitgaven voor de goederengroep waarvoor dat goed representatief is, in de totale uitgaven voor consumptie.

Een prijsindex waarbij de gewichten gebaseerd zijn op gegevens van het basisjaar = Laspeyres-index.

De prijsindex van de consumptie is geregeld een onderwerp van discussie, vooral in landen als België waar die indicator de basis vormt voor de aanpassing van lonen en salarissen aan de prijsevolutie.

Kritiek:

  • consumptiekorf blijft gedurende een aantal jaren ongewijzigd, hoewel de samenstelling van de consumptie-uitgaven verandert. Producten die een sterke prijsstijging ondergaan, worden door de consumenten vervangen door substituten. Waarschijnlijk zal het aandeel van duurder wordende producten in de uitgaven voor de consumptie dalen en het aandeel van goedkoper wordende producten toenemen.
  • De index overschat de kosten van levensonderhoud.
  • Soms pogen regeringen door beïnvloeding van de prijzen van goed die in het indexcijfer worden opgenomen, een stijging van het indexcijfer te beletten. Landen waar de lonen automatisch aangepast worden aan de index van de consumptieprijzen, kunnen op die manier de loonkosten onder controle houden. In ons land worden de lonen (en ook de huurprijzen) geïndexeerd met de zogenaamde gezondheidsindex. (deze wordt bekomen door uit het gewone indexcijfer de zwaar belaste producten: alcoholische dranken, tabakswaren en motorbrandstoffen weg te laten.)
  • Bij de berekening van de index wordt geen rekening gehouden met kwaliteitsverbeteringen van de in het indexcijfer opgenomen goed/diensten.

wijzigingen in de consumptieprijsindex weerspiegelen dus niet exact veranderingen in de kosten van levensonderhoud, voor zover dat al mogelijk zou zijn. Volgens sommige berekeningen in het buitenland mag de consumptieprijsindex elk jaar met 1 tot 1,5% toenemen, vooraleer er van een reële daling van de koopkracht sprake is.

Lees meer...

Prijsindices

De eerste stap bij de berekening van een prijsindex is de prijzen van de betrokken goederen en diensten vergelijkbaar te maken.

Wijzigingen in de prijzen van verschillende goederen en diensten met eenzelfde bedrag kunnen in percenten (of relatief) uitgedrukt sterk verschillen.

Daarom drukken we de prijs van elk goed/dienst waarvan we de evolutie willen meten, eerst uit als een indexcijfer.

De formule voor de berekening van de prijsindex van goed i in jaar t is dus:

In deze uitdrukking verwijst het superscript 0 naar het basisjaar.

De prijsindex van een groep van goed/diensten in jaar t is een gewogen gemiddelde van de prijsindices van de individuele goederen en diensten in dat jaar. Hij wordt berekend als:

In de formule stelt n het aantal goederen en diensten voor. De term wi is het gewicht; het stelt het relatief belang van goed of dienst i voor. Gewichten zijn positief, kleiner dan 1 en de som ervan moet gelijk zijn aan 1.

Zie vb p 401

Daar in de praktijk zeer vele goederen en diensten zijn, is het onmogelijk de prijzen van alle goederen en diensten in de prijsindex op te nemen. Men beperkt zich dan tot een representatief staal. Elk goed/dienst krijgt dan als gewicht het belang van de groep van goederen of diensten waartoe het behoort.

De prijsindices, die in de praktijk worden gebruikt, verschillen wat betreft:

  • de goederen- en dienstengroep, waarvan men de prijsevolutie wil meten;
  • de concrete goederen/diensten die worden opgenomen in de berekening;
  • de gebruikte wegingscoëfficienten.

Lees meer...

Nationaal product en economische welvaart

Om de welvaart van verschillende landen te vgl, zouden we het BBP of het BNP van die landen kunnen gebruiken als maatstaf.

Om de welvaart van 1 land in de tijd te meten, zouden we de verandering in die variabelen kunnen gebruiken.

Vooraleer het BBP of het BNP te gebruiken voor welvaartsvergelijking zijn er echter een paar correcties nodig:

  • men moet rekening houden met de omvang van de bevolking. Daarvoor kunnen we corrigeren door het nationaal product op een hoofdelijke op “per capita”-basis uit te drukken, dwz door het te delen door het bevolkingsaantal.
  • Voor vergelijking tussen landen is het bovendien nodig het nationaal product per capita uit te drukken in een gemeenschappelijke munt, gewoonlijk de dollar. Het verkregen resultaat is uiteraard afhankelijk van de wisselkoers. Eenzelfde per capita product zal een grotere dollarwaarde hebben naarmate de prijs van de dollar uitgedrukt in de nationale munt lager is.
  • Bovendien hoeft het geen betoog dat de hoeveelheid goederen en diensten, waarover een land in een bepaalde periode beschikt, slechts 1 aspect is van het complexe fenomeen welvaart.
  • We moeten ook rekening houden met een aantal andere factoren zoals de verdeling van het nationaal inkomen, de vereiste arbeid om het BBP te produceren en de effecten van de productie op het milieu.
  • Ten slotte moeten we opmerken dat bij de berekening van het nationaal product bepaalde goederen en diensten niet in rekening worden gebracht. (vb huishoudelijke diensten voor eigen consumptie en zwartwerk = productie-activiteiten waarbij sociale bijdragen en belastingen worden ontdoken).

Lees meer...

Groeivoeten en indices

Meestal zijn economen meer geïnteresseerd in de verandering dan in het niveau van een variabele. We kunnen die veranderingen absoluut of relatief uitdrukken.

  • Zie vb p 397

Als we het BBP tegen constante prijzen in het jaar t voorstellen door , dan is de absolute verandering gelijk aan:

Het is duidelijk dat de absolute verandering een kengetal is met een belangrijke beperking. (1.000 op 2.000.000 is niet gelijk aan 1.000 op 10.000)

  • we berekenen de relatieve verandering of groeivoet, die brengt het uitgangsniveau van het BBP in rekening

Als we de groeivoet voor het jaar t voorstellen door , dan berekenen we de groeivoet of relatieve verandering als volgt:

gt = groeivoet van het jaar t

Een alternatief kengetal om de groei van een grootheid weer te geven, is het indexcijfer. Daarbij stellen we de betrokken variabele in een bepaald jaar, het basis- of referentiejaar, gelijk aan 100.

Als we de grootheid in het basisjaar voorstellen door, dan wordt het indexcijfer voor de grootheid in het jaar t, berekend als:

Q0 = De grootheid in het basisjaar

t = het jaar

Indt = het indexcijfer

Indexcijfers en groeivoeten zijn sterk verwant, maar toch verschillend:

Indexcijfer toont de groei van de betrokken grootheid over de periode tussen het basisjaar en het beschouwde jaar.

Groeivoet meet de verandering gedurende 1 jaar.

De absolute toename van de index (dikwijls aangeduid met de term (index)punten) tussen 2 opeenvolgende jaren is niet gelijk aan de procentuele groei.

Indexcijfers worden ook gebruikt voor de evolutie van het algemeen prijspeil, van uurlonen, van de concurrentiepositie van een land of van de omzet van een onderneming. Ook voor de vergelijking van eenzelfde variabele in verschillende landen kunnen indexcijfers worden gebruikt.

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen