Menu

Item gefilterd op datum: januari 2014

Filosofie en mythologie

  • Filosofische vragen werden pas mogelijk en zinvol nadat mensen op een zeker niveau van materiële beschaving waren geraakt en ze dus niet hun hele actieve leven aan produceren van voedsel en bescherming tegen de natuur hoefden te besteden
  • Zo ontstond er een kleine minderheidsgroep van bevoorrechte burgers die een deel van de vrijgekomen tijd aan verder onderzoek konden wijden in de handelssteden = groep van ‘vrijgestelden’ (priesters, priesteressen, dichters die in lange epische verhalen de mythen van de stam verder vertelden)
  • Mythe = een als correct aanvaarde doch niet-gefundeerde voorstelling van zaken
  • Er komt een punt in het sociale en historische groeiproces waarop deze mooie verhalen niet meer volstaan en de nieuwsgierigheid is gewekt à deze nieuwsgierigheid + groeiende ervaring (experimenten, reizen, contacten met andere culturen) = drijfveer van alle wetenschappelijk en filosofisch denken
Lees meer...

De filosofische vragen

  • Beginperiode van westerse denken (6e eeuw v. Chr.): alle vormen van denken worden door filo-sofen bedreven

- filo-sofen = vrienden van de sofia of wijsheid = mensen die in bloeiende handelssteden en havens van Klein-Azië (huidig Turkije) en later in de grote Griekse metropolen een antwoord zochten op een reeks vragen die tot dan toe door mythologie en godsdienst behandeld waren of die om praktische redenen opzij werden geschoven

  • Filosofische vragen:

- waar komt de wereld vandaag en waaruit bestaat het heelal?
- bestaat er een absolute waarheid en hoe kunnen we die kennen?
- wat zijn de regels van het denken?
- wat noemen we goed en kwaad, en waarom?
- hoe bereiken we de beste vorm van het menselijk samenleven?
- wat is de zin van het leven?

Lees meer...

Publieke voorziening van private goederen

- Overheid intervenieert vaak in aanbod van goederen

- Gezondheidszorg, onderwijs en cultuur

- Aanbod gesubsidieerd

- Soms productie in handen van overheid

- Voorbeeld: onderwijs

- Verdienstengoederen (merit goods): overheid steunt consumptie van deze goederen, want consumenten hechten er te weinig belang aan

Lees meer...

Verhandelbare emissierechten

- Overheid zet markt op om allocatie van schaarse milieugoederen te coördineren:

- Verhandelbare emissierechten

- Voorbeeld: Europese Emissiehandelsysteem (2005)

- Winstmaximerende vervuiler reduceert tot punt waar marginale reductiekost = marktprijs emissierecht

Lees meer...

Milieuheffingen

- Marktprijzen via belastingen corrigeren

- Tot maatschappelijk wenselijk niveau (Pigou)

- Pigouviaanse belastingen

- Heffingen die negatieve externe effecten moeten corrigeren

- Kostenefficiënte verdeling milieu-inspanningen

- Heffingen:

- Outputbelasting

- Belasting op vervuilende productiefactor zelf(beter)

- Kostenefficiënte verdeling milieu-inspanningen

- Vervuilers hebben twee opties

- Verder produceren en belasting betalen op volledige uitstoot

- Vervuiling terugdringen door te investeren in schone technologie

- Bedrijf i kiest reductie zodanig dat

- Beschouw Figuur 12.5.

- Milieuheffing t per eenheid

- Milieubelasting: rechthoek OtLT

- Optimaal niveau vervuiling blijkt OS

- Uiteindelijke kost optimale reductie

- Oppervlakte OtRL

- Te betalen milieuheffing (OtRS)

- Kost reductie (SRL)

- Ingekleurde oppervlakte: kostenbesparing t.o.v. L

Lees meer...

Eigendomsrechten en aansprakelijkheid

- Coase-theorema:

- Duidelijke en afdwingbare eigendomsrechten

- Om externe effecten te internaliseren

- Verdeling van eigendomsrechten speelt geen rol voor efficiëntie van uiteindelijke oplossing

- Omwonenden eigenaar van water

- Bedrijf betaalt voor vervuiling

- Bedrijf eigenaar van water

- Omwonenden betalen voor proper water

- Dit is equivalent

- Voorbeeld:

- Fabriek eigenaar van water

- Wandelaars willen betalen voor propere rivier

- Figuur 12.2.: bereidheid tot betalen slachtoffers > verlies door verminderde productie, zo tot in EM

- Transactiekosten mogen niet te hoog zijn

Lees meer...

Uitstootnormen

- Quota’s om negatieve externe effecten in te perken

- Quota’s

- In vorm van maximale productie- of uitstootnormen

- Probleem: houden onvoldoende rekening met specifieke kenmerken bedrijf

- Beschouw Figuur volgende blz)

Uitstootnormen: quota’s

- B: maatschappelijke marginale baten om vervuiling terug te dringen

- Twee papierproducenten die L lozen

- MK1 curve: marginale kosten om vervuiling terug te dringen voor onderneming 1

- MK2 curve: marginale kosten om vervuiling terug te dringen voor onderneming 2

- Uitstootnorm door overheid vastgelegd: 7

- Totale maatschappelijke kost van emissiereductie:

- Oppervlakte LKF + LKG

- Reductiekosten minimaliseren

- Vereist efficiënte verdeling van inspanningen

- Indien bedrijf 1 reduceert tot Q1 en bedrijf 2 tot Q2

- Marginale reductiekost beide bedrijven = 3

- Dit is kostenefficiënt: doelstelling bereikt tegen zo laag mogelijke totale kost

- Indien beide bedrijven reduceren tot emissieniveau 7 (i.p.v. 6 en 8)

- Extra kosten bedrijf 1 voor extra reductie: lichtblauwe oppervlakte

- Uitgespaarde kosten bedrijf 2 voor extra vervuiling: lila oppervlakte

- lichtblauw > lila => doelstelling kan bereikt worden tegen lagere kosten

- Indien bedrijf 1 reduceert tot 8 en bedrijf 2 tot 6

- Geen totale kostenbesparing meer mogelijk

- Belangrijk:

- Inspanningen zo verdelen dat marginale reductiekosten voor alle bedrijven gelijk zijn

- Noodzakelijke voorwaarde voor kostenefficiëntie

- Equimarginaal kostenprincipe

- Differentiëring van normen

- Moeilijk in realiteit

- Vandaar vaal alle bedrijven zelfde reductienorm

- Betere alternatieven: volgende paragrafen

Lees meer...

Het optimale vervuilingsniveau

- Hoeveelheid lozing naar nul?

- Marginale kosten van terugdringen worden zeer groot

- Dit zijn ook reële kosten voor maatschappij

- Optimale hoeveelheid vervuiling:

- Q - (Q<L maar Q>O)

Lees meer...

Pareto efficiëntie bij externe effecten

- Figuur 12.2.:

- Perfect concurrentiële markt voor papier

- AP: aanbodcurve

- AM: marginale maatschappelijke kostencurve

- AM boven Ap door negatieve externe effecten (vervuiling)

- Situatie bij vrije prijsvorming:

- Teveel vervuilende goederen

- Kost vervuiling: oppervlakte tussen curven AM en Ap

- Vervuiling aanvaardbaar zolang kost gecompenseerd door waarde geproduceerde goed

- Welvaartsverlies bij marktuitkomst: driehoek EMBEp

- Vrije prijsvorming leidt niet tot welvaarts- optimum

- Evenwicht uit vrije prijsvorming EP

- ‘marktfaling’

- Pareto-efficiënt punt EM: pM > pp en qM < qp

- Beschouw Figuur 12.3.:

- Geloosde hoeveelheid afvalstoffen L

- Maatschappelijke marginale kosten lozing

- Uitgedrukt door rechte BA

- Dit zijn externe kosten die leiden tot verschil tussen AM en AP

- Totale maatschappelijke kosten lozing bij vrije markt-uitkomst

- Oppervlakte OBAL

- Marginale kosten terugdringen vervuiling

- Uitgedrukt door LE

Lees meer...

Positieve en negatieve externe effecten

- Voorbeelden:

- Rinkelende gsm hindert medestudenten en docent

- Bijen van imker bestuiven bloemen

- Vervuilende productie schaadt milieu

- Externe effecten:

- Gedrag economische agenten rechtstreeks invloed op nut heeft andere economische agenten

- Geen compensaties betaald

- Kan negatief zijn: milieuvervuiling

- Kan positief zijn: bloemenparkje voor jezelf en buren

- Typisch aan externe effecten

- Geen betaling van compensatie via markt!!!

- Consumptie of productie veroorzaakt naast marginale baat of kost voor agent zelf ook elders in economie baten of kosten

- MMB: maatschappelijke marginale baat

- MB: private marginale baat

- MMK: maatschappelijke marginale kost

- MK: private marginale kost

Lees meer...
Abonneren op deze RSS feed

Advies nodig?

Vraag dan nu een gratis en vrijblijvende scan aan voor uw website.
Wij voeren een uitgebreide scan en stellen een SEO-rapport op met aanbevelingen
voor het verbeteren van de vindbaarheid en de conversie van uw website.

Scan aanvragen